[Eibergen]
Ben Freriks (44) en Bart Enserink (37) weten precies waar mooie appelbomen in tuinen of erven staan in de wijde omgeving van Eibergen. En dat zijn er veel. ‘Zonde’ als appels onder deze bomen liggen en wegrotten. Je kunt er heerlijke cider van maken of voor deze tijd van het jaar: gloeicider.

Tekst: Eveline Zuurbier Foto’s: Marcel Houwer

De twee mannen uit Eibergen zijn begin dit jaar officieel gestart met de vergisting van appels voor de sprankelende, frisse appelwijn. Het begon met appels persen uit de boomgaard van de schoonouders van Ben en de wetenschap van steeds een stukje beter maken tot het frisse eindproduct wat er nu is.

“Ik heb op de fiets rondgereden om in de omgeving te zien waar er nog meer appelbomen staan. Vaak doen ze niets met de appels of is het voor te stellen dat je voor appeltaart en moes wel eens een keer klaar bent met appels. Je kan er ook lekkere cider van maken. Appels en sap blijven zo langer houdbaar. Maar wie drinkt er zo veel appelsap?” Het kan dus zomaar zijn dat Ben aanbelt met de vraag of hij appels mag rapen.

Leven anders inrichten

Ben en Bart zijn gestopt met het werken voor een baas. Ben: “Ik heb de laatste jaren als ict’er gewerkt om festivals te voorzien van internet en werkte op de andere dagen in de jeugdzorg tussen moeilijk opvoedbare kinderen. Ik kreeg problemen met m’n gezondheid en de arts zei: ‘Je werkt je kapot.’ Dat heeft me aan het denken gezet mijn leven anders in te richten. En als je stopt, kun je opnieuw beginnen. En dat is onder meer cider maken geworden.” Ben volgt de opleiding biologisch dynamische landbouw aan de HLS in Dronten. “Ik ben Bart op een gegeven moment tegengekomen, een verkoper die de commercie snapt en een persoon met horecaervaring. We wilden iets lokaals doen en dranken maken vonden we iets geweldigs.”

Ben Freriks en Bart Enserink maken cider met een verhaal. Foto: Marcel Houwer
Ben Freriks en Bart Enserink maken cider met een verhaal. Foto: Marcel Houwer

“We hebben prachtig werk. Voor de meeste banen moet je ‘ontstressen’ door op vakantie te gaan, ‘want je hebt dat verdiend’, vinden we. Of je moet voor sport en gezondheid naar de sportschool. Ik fiets langs appelbomen en boomgaarden in de mooie Achterhoek en maak cider.”

Lokaal

De cider wordt gemaakt in een schuur in het buitengebied van Eibergen. Er staat een kleine opstelling voor de vergisting, waarmee de smaak van het gouden appelgoedje kan worden nagezien. De hoofdvergisting van rauw sap gebeurt in grotere vloeistofcontainers, de zogenaamde IBC’s. Het sap is afkomstig van fruitboerderijen uit de regio. In de opslag staan de dozen met lege bruine flesjes, een botteltoestel en een etiketteermachine. “We mengen verschillende rassen appels. Zoet, zuur, hard en wrang. Je hebt een hoog tanninegehalte nodig om er smaakvolle cider van te kunnen maken.” In totaal geven gist en sap van elf soorten Nederlandse handappels uit de Achterhoek de cider een uniek karakter. Beide drankenmakers – hun bedrijfsnaam is Van Gisteren Drankenmakers – willen graag naar het etiket van biologische cider die afkomstig is uit lokale appelboomgaarden. De certificering daarvoor is moeilijk te realiseren. Het komt erop neer dat je per erf moet certificeren. Dat is niet te doen. “We zijn nu bezig met een gebiedscertificering waar de privébomen in het gebied onder kunnen vallen.”

Wel appels, geen ciderland

Appelrassen met mooie namen als de reinette, cox, pomona en bellefleur zijn geschikt voor cider. “Nederland is geen ciderland en dat is eigenlijk best vreemd. Omliggende landen hebben een rijke cidercultuur, terwijl Nederland een appelland bij uitstek is. Het fruit dat de Nederlander eet, is de appel. We hebben een appelcultuur van appelmoes en appeltaart in de winter. Appels kun je persen en vervolgens maak je van het sap de cider. Het bezinksel dat na vergisting overblijft, is bestemd voor een stokerij in Haaksbergen, de Twentse Ketels. Die maakt er sterke drank van die lijkt op calvados. De appelpulp die overblijft na de persing, is rijk krachtvoer voor vee.”


Gisten en gloeien

In de winterperiode is de vraag naar frisse, koude cider beduidend minder. Ben en Bart bedachten gloeicider naar de Engelse mulled cider. In deze tijd staan beiden op kerst- en wintermarkten om de mensen van de gloeicider te laten proeven.

De Basken hebben een beroemde ‘sidre’-traditie van gisting, bottelen en tafelen. De Franse manier is rauwe appelsap de hele winter te laten gisten en de Engelsen hebben variaties in het presenteren van de drank. “Onze cider is klaar in tien weken. We creëren zo de mogelijkheid dat, wanneer de vraag groter is, we snel kunnen opschalen. Persen, bottelen en etiketteren gebeuren met de hand. De cider bieden we aan in bruine flesjes. We willen daarmee de cidercultuur bij de Nederlanders brengen. Het lijkt op een speciaalbiertje; klaar om leuk te worden geserveerd. Het speciaalbier is bij de consument doorgedrongen. Nu is het de beurt aan cider.”

Populair in Amsterdam

De Achterhoekse cider in de flesjes doet het al goed op de Amsterdamse terrassen en in de speciaalwinkels. “Daar raken we de cider wel aan kwijt als een hip alternatief voor bieren en glühwein.”

In de Achterhoek wordt de cider van Van Gisteren Drankmakers hoofdzakelijk verkocht in delicatessenzaken. “In elk dorp zit wel een kaas- en notenwinkel. Het is goed daar een lokaal product te laten zien. Achterhoekse cider heeft een mooi verhaal.”