[Achterhoek]

Dit jaar is het 75 jaar geleden dat er een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Daarna startte de wederopbouw van Nederland. Woningen en fabrieken, die in de oorlog waren vernietigd of beschadigd, werden met vereende krachten en in snel tempo weer opgebouwd.

Tekst: Natasja Scheerder Foto’s: Dies Goorman

Met diverse activiteiten wordt er dit jaar stilgestaan bij deze periode. Niet alleen wordt 75 jaar vrijheid gevierd, er is ook aandacht voor de wederopbouw van ons land onndanks dat veel evenementen door het coronavirus werden afgelast. Zo startten elf gemeenten in deze regio het project ‘Een nieuwe tijd! Wederopbouw in de Achterhoek’.

Het Gelders Genootschap schreef hiervoor een programma, dat in 2019 startte, maar vooral dit jaar en volgend jaar zichtbaar is. “In 2020 en 2021 willen we het bijzondere erfgoed, dat deze regio bezit, groots onder de aandacht brengen”, vertelt projectleider Joanne te Winkel. “We willen mensen bewust maken van het culturele erfgoed uit de wederopbouwperiode dat nog in de Achterhoek aanwezig is. Maar gemeenten ook helpen om dit erfgoed weer een nieuw leven te geven. ”

Wederopbouwperiode

De wederopbouw van Nederland, in de periode van 1940-1965, is namelijk van grote invloed geweest op de omgeving zoals we die nu kennen. Het was een tijd van schaarste, maar ook van economische groei, welvaart, optimisme en vernieuwing. Er werden op grote schaal nieuwe wijken, kerken, wijkcentra, industrie en scholen gebouwd en ook het landschap veranderde door het begin van de ruilverkaveling. Overal zijn nog sporen uit de wederopbouwperiode te vinden.

‘Veel ruwe diamanten uit de wederopbouwperiode worden juist nu ontdekt’

“Voorzieningen als een waterleiding, elektriciteit en koken op gas vinden hun oorsprong in die periode”, weet Te Winkel. “Prefab wordt nu als een nieuwe manier van bouwen gezien, maar de doorzon- en duplexwoningen uit de wederopbouwperiode werden in feite op dezelfde manier gebouwd. Door de oorlog en babyboom was er een groot tekort aan eengezinswoningen. Die werden grotendeels seriematig met betonnen bouwonderdelen geproduceerd.”

Verborgen parels

De wederopbouwtijd krijgt daarom vaak het etiket saai, lelijk, gezapig en braaf opgeplakt. Maar de wederopbouw bevat ook veel kwaliteit en bijzondere verhalen die de moeite waard zijn om te laten zien en horen. “Er zijn veel verborgen parels”, zegt Werner Weijkamp, adviseur erfgoed bij het Gelders Genootschap. “Veel van die ruwe diamanten worden juist nu tijdens het project ontdekt. Zo is er in Doetinchem veel kapot gebombardeerd en gesloopt en lijkt er nog weinig van het culturele erfgoed over te zijn. We zien nu echter dat er meer bijzondere gebouwen uit de wederopbouwperiode staan dan we dachten.”

Veel van die verborgen parels werden zichtbaar door het project Ruwe Diamanten. De elf Achterhoekse gemeenten droegen deze zomer ieder zo’n vijf gebouwen voor uit de wederopbouwtijd, waarop Achterhoekers hun stem uit konden brengen. Dat leverde in augustus in elke gemeente een winnaar op.

‘De St. Wilibrordusabdij in Doetinchem werd opgebouwd met naoorlogs puin uit Arnhem’

Weijkamp: “In Doetinchem werd dat bijvoorbeeld de St. Wilibrordsabdij, in 1949 opgebouwd met naoorlogs puin uit Arnhem, net als het station in Zutphen. Een andere bijzondere winnaar vind ik De Moezeköttel in de gemeente Oude IJsselstreek. Deze noodwoning uit 1945 werd door de lokale bevolking helemaal gerestaureerd en in 2014 weer opengesteld.”

Projecten

Zo zijn er in 2020 en 2021 nog meer projecten die voor een stukje draagvlak en bewustwording van deze bijzondere periode moeten zorgen. In november komt er bijvoorbeeld een boek uit met verhalen van mensen die zijn geïnterviewd over de wederopbouw in de Achterhoek. Verder is er een idee om een SRV-wagen op te bouwen, die in 2021 gaat rondrijden om de verschillende projecten te presenteren en verbindingen te leggen tussen toen en nu.

“Daarnaast gaan we met gemeenten aan de slag om de wederopbouwperiode ook een toekomst te geven”, zegt te Winkel. “Een derde van onze woningvoorraad is gebouwd in de jaren 50 en 60. Daar moet nu echt iets mee gebeuren. Gaan we de woningen en gebouwen vernieuwen en verduurzamen of slopen en nieuwbouwen? Als we niks doen, lopen we het risico dat dadelijk zo’n hele periode wordt weggepoetst. Dat zou eeuwig zonde zijn.”

De voormalige noodwoning De Moezeköttel werd tussen 2012 en 2014 helemaal in oude staat hersteld. Foto: Dies Goorman

Voormalige noodwoning wordt toeristische trekpleister

[Megchelen]

Eén van die bijzondere gebouwen uit de wederopbouwperiode van net na de oorlog staat in Megchelen. Het dorpje aan de Duitse grens werd bij de bevrijding in maart 1945 vrijwel helemaal platgeschoten door de geallieerden. Zo’n 75 noodwoningen boden de dakloze dorpsbewoners in snel tempo weer onderdak.

Tekst: Natasja Scheerder Foto’s: Dies Goorman

Ook aan het Asbroek, waar sinds 1840 het boerderijtje ‘De Moezeköttel’ stond. Bij de bevrijding van Megchelen werd alleen het woongedeelte van het boerderijtje in puin gelegd. Het achterhuis met de deel en stal bleef intact. Wonen konden de toenmalige bewoners, de familie Roes, er dus niet meer. Maar het boerenleven werd wel weer hervat.

De familie vond onderdak bij buurman Jan Reintjes, die als metselaar het boerderijtje wat herstelde en hielp bij de bouw van de noodwoning. Die werd opgebouwd met de stenen van de oude boerderij. Willem Roes en zijn vrouw Grada kregen het kleinste model noodwoning met één slaapkamer. “Het huis werd tot 1967 bewoond door drie verschillende gezinnen”, weet Gerard Hettelaar, de huidige eigenaar van De Moezeköttel.

Van 1951 tot 1955 zelfs door een gezin met drie kinderen, de familie Visser. In die periode, tijdens de februaristorm van 1953, sneuvelde ook het achterhuis van de voormalige boerderij. De laatste bewoners van de noodwoning waren Hugo Meeldijk en Mia Löevering. Hugo stierf in 1966 aan het Asbroek, waarna Mia terugkeerde naar haar familie in ’s-Heerenberg.

Veeschuurtje

In 1967 komt de noodwoning met het erf en bouwland in handen van de familie Hettelaar, de naaste buren. “Mijn opa en vader hebben het geruild voor een paard”, lacht Gerard. “Van de noodwoning werd een veeschuurtje gemaakt. Hier stonden altijd de pinken (jonge runderen, red.) in. Ik heb de boerderij met de grond en noodwoning later overgenomen. Op een gegeven moment werd het ‘schuurtje’ zo slecht dat het geen functie meer had. Als toen de Oudheidkundige Vereniging Gemeente Gendringen niet bij me was gekomen om de woning in oude staat te herstellen, dan had ik het gesloopt.”

Hettelaar was in eerste instantie ook niet zo enthousiast over het idee om de noodwoning weer op te bouwen. “Ik heb meer met een mooie koe dan met het verleden, haha. Ook was ik bang dat er na de restauratie niks meer mee werd gedaan. De woning was daarbij in zo’n vervallen staat, dat ik me niet kon voorstellen dat er nog iets van te maken was.”

Betrokkenheid

Hij liet zich echter toch overtuigen en werd gedurende de bouw steeds enthousiaster. In 2012 startte de restauratie en herinrichting van de voormalige noodwoning en in november 2014 vond de officiële opening plaats. “De bouwploeg was er elke vrijdag. Allemaal vrijwilligers, die op dat moment door de crisis geen werk hadden.”

Hettelaar ging zelf rond voor materialen. “Alles wat er staat, hebben we gekregen. Zelfs de Duitsers hielpen bij de wederopbouw van De Moezeköttel. De zwarte estrikken (tegels) op de vloer zijn voor één fles schnaps doorbakken in een pannenfabriek in Rees. De aardpalen voor de elektriciteit komen uit Anholt en zijn ook door iemand uit Anholt aangelegd.”

Stichting De Moezeköttel

De noodwoning is inmiddels in handen van Stichting De Moezeköttel, waarvan Hettelaar voorzitter is. Het gebouw is dagelijks van 10.00 tot 18.00 uur open. Bezoekers kunnen er zien hoe mensen in die tijd met slechts beperkte middelen leefden. In de bijgebouwde karschop wordt bovendien het verhaal van de oorlog en bevrijding in de oude gemeente Gendringen verteld.

“Hier is ook een openbaar toilet ondergebracht”, vertelt Hettelaar. “Er staat een koffieautomaat, waar mensen zelf wat te drinken kunnen pakken en vervolgens de films over de oorlog en bevrijding kunnen bekijken. We vragen hiervoor alleen een vrijwillige bijdrage voor de koffie en onkosten die we maken. Voor de rondleidingen en fietsroutes, die we uitzetten, moeten mensen wel betalen.”

Waar Hettelaar in het begin bang was dat er niks met De Moezeköttel zou gebeuren, is de voormalige noodwoning tegenwoordig een echte toeristische trekpleister. “In de winter zijn we drie maanden dicht, maar de rest van het jaar komen er denk ik wel zo’n 10.000 bezoekers. We hebben een groep van 25 vrijwilligers, die de rondleidingen verzorgt, de fietsroutes bijhoudt, evenementen organiseert en het onderhoud doet. En door alle activiteiten en verhalen, die ik hier hoor, ben ik inmiddels zelf ook hartstikke enthousiast geworden.”

In de noodwoning wanen bezoekers zich in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Foto: Dies Goorman