[Zelhem]

Helemaal in zijn eentje bedacht en bouwde Henk Wolbrink uit Baak een ondergrondse woning met natuurobservatiepost. Na ruim tien jaar van ontwikkeling is zijn Aquadomum in de bossen bij Zelhem nu klaar.

Tekst en Foto’s: Luuk Stam

Hij valt maar direct met de deur in huis. “Iedereen heeft het tegenwoordig over duurzaam en energieneutraal wonen, maar de gemakkelijkste manier om dat te doen, is door ondergronds te gaan wonen”, stelt Henk Wolbrink (70) aan de lange houten eettafel in zijn zelfgebouwde Aquadomum in het buitengebied van Zelhem. “Met dit huis wil ik laten zien dat dit mogelijk is. Er zitten alleen maar voordelen aan.”

Het idee voor zijn huis onder de grond ontstond begin deze eeuw. Wolbrink – destijds runde hij vanuit Baak nog zijn eigen bouwbedrijf – was ervan overtuigd dat het kon. Doordeweeks werkte hij, dit project was zijn weekendhobby. Thuis in Baak probeerde hij alle technieken uit. Bijna elke zaterdag en zondag was hij hier in Zelhem te vinden, vrijwel altijd alleen. Zijn twee zoons hielpen als hij echt wat extra handjes nodig had, bijvoorbeeld bij het betonstorten.

Het Aquadomum ligt op een afgesloten terrein in het bosrijke buitengebied tussen Zelhem en Halle. Een groot deel van het bouwwerk ligt onder de waterspiegel. Het gehele gebouw is verwerkt in een aarden wal, op het dak is een grote vijver te vinden. Via een bruggetje over die vijver is er toegang tot de natuurobservatiepost in de top van het bouwwerk.

Vakantiewoning

Nu is het Aquadomum klaar. Naast natuurobservatiepost is het hier vergaderlocatie en uitvalsbasis voor rondleidingen op het terrein. Sinds een jaar wordt het geheel daarnaast verhuurd als tienpersoons vakantiewoning. Meest gehoorde reactie: ‘Wat een heerlijk huis! Waarom gaan jij en je vrouw hier zelf niet wonen?’ Nou, goede vraag. “Maar dat is nooit de intentie geweest”, verklaart Wolbrink. “Ik wil juist andere mensen laten voelen hoe het is om onder de grond te leven. Zoiets kun je niet uitleggen, dit moet je voelen.”

In de voorbije twintig jaar kreeg hij meer dan eens de vraag wat hem bezielde. Het verkrijgen van vergunningen was al een flinke opgave. Bij de toenmalige gemeente Zelhem wisten ze de plannen geen plek te geven. Een huis onder de grond? Deels onder de waterspiegel? Wat moest het voorstellen? Ook medeontwikkelaars waren er niet te vinden, niemand zag het zitten. Wolbrink liet zich er niet door van de wijs brengen. “Ik wist gewoon zeker dat het kon”, zegt hij stellig. “En ja, ik zoek het altijd in de extremen.”

Daarom koos hij ook precies deze locatie, nota bene pal naast een motorcrossbaan – ‘dat gaat heel goed samen’ – en op één van de droogste plekken van Nederland. Waar komt al dit water dan vandaan? “Dat pomp ik op met een pomp in het grondwater, 4 meter diep”, legt Wolbrink uit. “Door een fontein op het dak komt het omhoog, dan valt het naar beneden, blijft het ook helder. Het peil is altijd hetzelfde. Is er te weinig water, dan pompt de pomp grondwater bij, dan is het een bron. En als er na veel regen te veel water is, dan is het een zinkput.”

In de grote woonkamer van het Aquadomum kun je door middel van tien grote ramen de onderwaterwereld beleven. En dan kan er zomaar een grote snoek voorbij komen zwemmen.

Snoek

Wie denkt dat de technische bespreking hier ophoudt, heeft het mis. Een rondgang met Wolbrink door het huis – woonkamer, keuken, meerdere slaapkamers, meerdere badkamers, een sauna – is een aaneenschakeling van techniek, van de verwarming tot aan de luchttoevoer en de spiegelconstructie die zorgt voor daglicht in de kamers op de benedenverdieping, waar af en toe een snoek langs de ramen zwemt. Surrealistisch? Ingewikkeld? “Helemaal niet”, zegt Wolbrink. “Alles wat je hier zit, is juist heel simpel. Alleen alles is anders dan anders.”

Nog een stukje uitleg dan: de houtkachel verwarmt hier in de winter ook het water, zowel voor de vloerverwarming als voor de keuken en de badkamers. In de zomer verwarmt de zon het water, daarvoor staan er – naast de reguliere zonnepanelen voor de elektriciteit – zelfgemaakte panelen op het dak. De warmte die deze panelen in de zomer te veel leveren, slaat Wolbrink op onder het gebouw, waardoor daar een warmtebel met een temperatuur van zo’n 30 tot 35 graden ontstaat. Een pomp haalt die warmte er in de winter weer uit.

De lucht voor de luchttoevoer wordt in de winter onder de vloer doorgeleid en is al voorverwarmd op het moment dat het de kamer binnenkomt. In de zomer loopt de ventilatiebuis door de vijver heen en is die inkomende lucht juist al gekoeld. “Dat kost zo ongeveer geen energie”, stelt Wolbrink. “Zo’n warmte-terugwinsysteem zit tegenwoordig in de meeste huizen. Alleen haal ik in de winter warme lucht en in de zomer koele lucht.”

Uitzicht

Met de vaak genoemde nadelen van het onder de grond leven – te donker, te vochtig, geen uitzicht – rekent Wolbrink één voor één af. Uitzicht heeft hij gecreëerd door middel van een groot scherm in de woonkamer, waarop beelden van buitencamera’s te zien zijn. Nu zijn het er vier, het moeten er negen worden. “Als ik thuis naar buiten kijk, zie ik altijd hetzelfde”, klinkt het. “Hier kan ik het verzetten. Ik kan als ik wil zelfs alles tegelijk zien. En je hebt optimale privilege, je hebt hier van niemand last en niemand heeft last van jou.”

Het voor dit bouwwerk gebruikte materiaal komt hier allemaal uit het bos. Wanden, plafonds, alles is hier van hout, allemaal lariks. De keuken is gemaakt van eikenhout. “Alleen het binnenwerk, de lades, die komen van IKEA”, zegt Wolbrink. “De afwasmachine, de koelkast enzovoort zijn allemaal tweedehands. De tafel is gemaakt van hout van hier vlakbij. Er komt nog een lamp te hangen, die maak ik ook van hout uit het bos. Duurzamer dan dit kan niet.”

Schoolklassen

De rondleidingen hier op het afgesloten en zeer bosrijke terrein geeft Wolbrink zelf. Er loopt een bospad van zo’n anderhalve kilometer. Door corona heeft de initiator van dit alles nog niet heel veel schoolklassen kunnen ontvangen, maar als het aan hem ligt, zal dat snel weer vaker gebeuren. Uiteraard laat hij de kinderen dan ook kennis maken met de onderwaterwereld, die vanuit de woonkamer van het Aquadomum te aanschouwen is. “Dit is een ideale plek om de jeugd kennis te laten maken met de natuur”, stelt Wolbrink.

Zelf zal hij er nu ook weer wat meer tijd voor hebben, want het werk is hier op enkele details na afgerond. Wat voor gevoel hem dat geeft? “Ik heb hier wat geprobeerd, het is gelukt en ik kan dit nu aan anderen laten zien, dat geeft voldoening”, klinkt het nuchter. “Wat wil je nog meer dan voldoening?” Nog één vraag dan: is dit ook voor iemand anders te doen? Is het niet veel te veel werk? Wolbrink: “Het is niet meer werk dan een normaal huis bouwen. Ik heb dit allemaal op zaterdag en zondag gedaan. En als het hier kan, dan kan het overal.”