[Winterswijk]

Wanneer mensen dag in dag uit een strijd leveren om rond te kunnen komen, is de KledingBank Winterswijk een lichtpuntje. Het uitdelen van complete kledingsets gebeurt met alle zorg en aandacht. Betrokken vrijwilligers willen mensen weer blij maken met een winkelmoment zonder pottenkijkers. Vrij kunnen shoppen, lekker rondneuzen, kledingadviezen krijgen en complete setjes passen. Hoe lang is dat geleden?

Tekst en Foto’s: Eveline Zuurbier

Van buiten oogt het pand aan Handelscentrum 12 een doodgewoon kantoor. Eenmaal binnen sta je direct in een kledingwarenhuis met de laatste mode. Paspoppen showen de mode van dit seizoen. Op een schap staan tassen en schoenen in een decembersfeer geëtaleerd. Enkele stappen verder hangt in het ronde rek sportkleding voor het uitkiezen. Er is ‘een winkeljuf‘ die je begroet en verder helpt. Voor kinderen, voor jeugd van de middelbare school, dames, heren en ouderen hangt kleding uit op soort, op maat en als het kan ook nog op kleur. In deze tijd van het jaar is er beneden een deel van de ruimte ingericht met feestelijke kleding. Alles zonder een prijskaartje eraan.

“We hebben de tijd mee” gebaart vrijwilliger Els tussen aanhalingstekens met gekromde wijs- en middelvingers. “Tweedehands kleding, vintage is in. Het maakt het bestaan van de kledingbank niet alleen beter zichtbaar maar draagt ook bij aan de toegankelijkheid de kledingbank te bezoeken.” Els is een van de twee oprichters van de kledingbank in Winterswijk. Ze zag als vrijwilliger voor de Voedselbank dat mensen naast geen voedsel ook geen geld hebben voor kleding. Ze hebben een levensverhaal dat getekend is door pech. Door een scheiding, ziekte of werkeloosheid raken mensen in de financiële problemen. Maar de grootste groep bestaat uit mensen die maandelijks een te laag loon ontvangen waarvan ze niet kunnen rondkomen. Lieverdink: “Er is vooral stille armoede. Ik heb wel eens gezegd: een derde is bekend bij de hulpinstanties. Tweederde zien we niet.”

Schaamte

Vrijwilligster Chamila wacht vanmorgen op een klant met wie ze kledingsets voor de winter gaat uitzoeken. Maar deze persoon laat het op dit uur afweten. “Het komt voor dat mensen zo diep in de problemen zitten en niet meer aan hun afspraak denken. Of ze komen niet omdat ze niet durven. Er heerst nog altijd een taboe. Mensen schamen zich voor hun armoede. Vooral jongeren en ouderen schamen zich voor het afhankelijk-zijn van de kledingbank. Als zij zeggen ‘dat heb ik nog niet nodig’ dan rinkelen bij ons de bellen.” Chamilla is coördinator van de betrokken vrijwilligers, de gehele logistiek  en helpt de klanten van de Winterswijkse kledingbank. De meeste mensen komen te laat bij de hulpverlening is haar ervaring. Bij schaamte hoort een houding van ‘als ik er maar niet naar kijk dan is het er niet’, legt ze uit. “Het gevolg is dat mensen zich steeds meer terugtrekken van deelname aan het maatschappelijk leven. Ze staan alleen en leven in eenzaamheid. Als mensen weet hebben van het bestaan van de kledingbank en dat daar vrijwilligers zijn die ze willen helpen, maakt dat de weg ernaar toe gemakkelijker want voor die groep is een tweedehands kledingwinkel te duur.”

Kledingsetjes

In de meeste gevallen komen mensen via een doorwijzing bij de Winterswijkse kledingbank. Die komt van huisartsen, van een van de aangesloten Oost-Achterhoekse gemeenten, de kerken of van andere hulpinstanties. “Mensen dienen vervolgens zelf een afspraak te maken. Anonieme verzoeken nemen we niet aan. We willen mensen de noodzakelijke kleding geven met een stukje winkelbeleving zonder dat voorafgaand gedoe van weer bevragen en weer een vragenlijst invullen. Door het Sociaal Steunpunt in Winterswijk en gemeente Winterswijk is een standaardformulier gemaakt, waarmee mensen niet bij elke vraag om hulp bij de instanties opnieuw hun verhaal hoeven te doen. Vaak durven mensen niet binnen te komen, maar als ze er zijn geweest dan zijn ze blij dat ze gekomen zijn”, vertelt Els.

Op afspraak geven vrijwilligers van de kledingbank klanten een paar leuke shopuren. Als het kan, komt een heel gezin. De ‘winkel’ is dan geheel voor het gezin. Op deze manier hoeven zij niet bang te zijn bekenden tegen te komen.

Klanten kunnen twee keer per jaar drie complete sets uitzoeken: bovenkleding, onderkleding plus een paar schoenen. In deze tijd van het jaar hoort er een warme jas bij. “Sokken en ondergoed zijn altijd nieuw. We kopen die van de gekregen donaties of we organiseren inzamelacties zoals lege flessen- en warme winterjasacties.. Lokale modezaken geven ons overgebleven collecties. Een babymerk doneert setjes waar we heel blij mee zijn. En natuurlijk komen er zakken kleding binnen van mensen die deze kleding niet meer aan doen. Een zak opendoen is dat altijd weer een verrassing: waar kunnen we mensen weer blij maken? Op Facebook laten we zien hoe mooi de kleding is die binnenkomt.”

Eigenlijk zijn er zoveel kleding en spullen die mensen niet meer dragen en een tweede leven verdienen;  waarom zou alles altijd nieuw moeten zijn, vraagt Els zich af. “Het draait om je goed voelen. Aan de buitenkant ziet niemand dat dit jasje bij het Leger des Heils is gekocht.  Ze probeert dit uit te dragen en dat helpt de klanten van de kledingbank de schaamte voorbij te komen. Ze is zich ervan bewust dat er wél een verschil is. “Ik mag tweedehands kopen, zij moeten. Zij hebben geen keuze.”

www.kledingbankwinterswijk.nl