[Etten]
Stichting Essentius heeft in de gemeente Oude IJsselstreek acht basisscholen en in de gemeente Aalten één basisschool onder haar hoede, waarvan er momenteel vier zijn die zeker in de categorie kleine scholen vallen. “Wij erkennen de meerwaarde van kleine scholen in kleine kernen en wij zetten sterk in op de instandhouding ervan. We denken bij het instandhoudingsbeleid niet in schoolgrootte of in ondergrenzen”, aldus Albert Sluiter, directeur-bestuurder.

Tekst: Josée Gruwel

Met het toeslaan van de krimp, ruim tien jaar geleden, werden onder andere door schoolbestuurders en politici allerlei motieven aangehaald om kleine scholen, volgens het Rijk met minder dan 145 leerlingen, te sluiten. Bestuurdersjargon klonk, zoals ‘We moeten groeien naar krimp’, ‘Niets doen is geen optie’ en vooral ‘Kleine scholen kunnen geen kwaliteit leveren’.

Albert Sluiter: “In mijn beleving blijkt met name de laatste uitspraak erg ongenuanceerd. Wij zagen juist dat kleine scholen vooropliepen in het zich onderscheiden van onderwijskundige concepten, waarbij het leerstofjaarklassensysteem is doorbroken en waarbij andere vormen van leren van en met elkaar in heterogene groeperingen aan de orde van de dag zijn. Dit brengt kinderen een hoge mate van zelfstandigheid en (mede)verantwoordelijkheid.”

Er kwam destijds een landelijke discussie op gang. Sluiting van kleine scholen dreigde een trend te worden. Essentius ging daarin niet mee.

‘We willen dat kinderen thuisnabij naar school kunnen’

Inmiddels is uit wetenschappelijke onderzoeken – door de universiteiten van Groningen, Twente en Nijmegen – gebleken dat er geen verband is tussen de schoolgrootte en de kwaliteit van het onderwijs. Sommige onderzoekers stellen, dat kleine scholen juist voordelen hebben, bijvoorbeeld als het gaat om het welbevinden van leerlingen en leerkrachten.

Eén voor allen, allen voor één’

De basisscholen De Borckeshof in Breedenbroek, St. Martinus in Megchelen, Walburgis in Netterden en Pius X in Varsselder, de vier kleine scholen van Essentius, bleven overeind door een duidelijke visie en uitgekiend beleid met als uitgangspunt ‘Slim organiseren’ en het idee erachter ‘Eén voor allen, allen voor één’.

Om kwaliteit te garanderen, worden sinds 2010 bij Essentius meerscholendirecteuren benoemd die op zoek gaan naar het bundelen van krachten, is een eigen kenniscentrum ingericht, en worden leerkrachten opgeleid tot specialisten die in een bovenschools netwerk opereren. Daarbij wordt cheek-to-cheek gewerkt, dat betekent dat teams van kleinere scholen onderling, en ook met collega’s van grotere scholen kunnen sparren. “Zo vormen we een synergetisch bolwerk, waarin professioneel wordt samengewerkt en waarbij elk teamlid uit de specialistische en organisatorische ruif kan plukken”, aldus Sluiter.

Werkplezier

Meerscholendirecteuren Yvet Knoefmann en Lianne ter Steeg, die de kleine scholen van Essentius leiden, en plusdirecteur Sandra Giesen, gaan met plezier naar hun werk. Er is eigenlijk maar één woord dat hun werk typeert: samen. Ze noemen de saamhorigheid, de grote betrokkenheid van kinderen, ouders en leerkrachten, de korte lijnen, het vanzelfsprekende van een goed pedagogisch klimaat, de exclusieve aandacht voor elk kind waardoor passend onderwijs automatisch vorm wordt gegeven, de school als middelpunt van het dorp. “We hebben ook hier werkdruk, maar vooral werkplezier.” Ze glimlachen als ze het hebben over het ombuigen van werkdruk naar werkplezier. “Enjoyability! Belangrijk!”

Geen onderscheid

Essentius maakt in haar instandhoudingsbeleid geen onderscheid in schoolgrootte. De kwaliteit wordt getoetst en gemonitord op zeven pijlers: leerlingresultaten, welbevinden personeel, innovatie, huisvesting, imago, organisatie en betaalbaarheid. Dit gebeurt op elke school van de stichting, waartoe ook St. Liborius in Dinxperlo, De Klimpaal in Etten, de Christoffelschool in Gendringen, De Oersprong in Ulft en de Mariaschool in Ulft behoren.

‘Wetenschappelijk bewezen

dat welbevinden op kleine scholen

hoog scoort’

In de beleidsnotitie ‘Dubbelzijdig commitment’ (2016) staat: “Zonder de andere scholen tekort te willen doen, constateren we de meerwaarde van de kleine scholen. Deze zit niet alleen in de onderscheidende onderwijskundige concepten en de daaruit voortvloeiende kansen voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, maar ook in de hoge mate van (ouder)betrokkenheid en het lage ziekteverzuim onder het personeel. Aandacht voor de menselijke maat staat er hoog in het vaandel. Alles bij elkaar profileren ze zich groots in klein zijn!”

Uit de gevarenzone

Op de teldatum 1 oktober 2019 telde De Borckeshof in Breedenbroek 68, St. Martinus in Megchelen 82, Walburgis in Netterden 55 en de Pius X in Varsselder 66 leerlingen.
De opheffingsnorm van een school, die wordt naar de leerlingdichtheid in een gemeente, bedraagt in de gemeente Oude IJsselstreek 68 leerlingen, in de gemeente Aalten 71. Bij meer scholen onder één bestuur kunnen de kleine scholen meeliften op de leerlingaantallen van de grotere scholen. Sluiter: “Het gemiddeld aantal leerlingen van al onze scholen bedraagt 151 leerlingen; de opheffingsnorm via de berekening die daarvoor staat, is 114 leerlingen. Hiermee halen we alle scholen uit de gevarenzone en volgens de huidige prognoses zitten we zeker de komende tien jaar qua financiering en regelgeving safe.”