[Loil]

Loil wordt vier dagen na de bevrijding, op 7 april 1945, opgeschrikt door een enorme knal. De zware munitie, die door de Duitsers in de school is achtergelaten, ontploft. Hierbij komen de twee 12-jarige meisjes Fientje Seegers en Leike van Vuuren om het leven.

Tekst: Natasja Scheerder

Het oorlogsdrama is de aanleiding voor het tweede openluchtspel in het kerkdorp met de toepasselijke titel Nooit meer. Het speelt zich af op de fundamenten van het voormalige klooster en de meisjesschool, precies op de plek waar het tragische ongeval zich 76 jaar geleden voltrok. Van 8 juli tot en met 18 juli wordt het stuk zeven keer opgevoerd. Ruim een jaar later dan eigenlijk de bedoeling was.

“In 2020 was het precies tien jaar na ons eerste openluchtspel, dat over het 100-jarig bestaan van Loil ging”, vertelt regisseur en arrangeur Hein Harmsen. “Bovendien paste het onderwerp perfect bij 75 jaar bevrijding, dat vorig jaar gevierd zou worden met tal van activiteiten. Door corona konden die echter allemaal niet doorgaan. Maar misschien heeft het openluchtspel daarmee wel een dubbele lading gekregen. Na een jaar vol beperkingen vieren we nu ook de vrijheid, al mag je dit natuurlijk niet vergelijken met de oorlog.”

Het verhaal

‘Nooit meer’ is gebaseerd op het waargebeurde verhaal van de families Seegers en Van Vuuren uit Loil. Hun dochters Fientje en Leike wilden op zaterdagmiddag 7 april 1945 de zusters helpen bij het schoonmaken van het klooster. Terwijl de zusters de sleutel ophaalden, wachtten de meisjes bij het gesloten hek. Niet veel later klonk er een gigantische knal. Die verwoestte niet alleen de school en een flink deel van het klooster, maar ook de levens van de twee families.

Het verhaal is geschreven naar aanleiding van de herinneringen van Annie Morren-Seegers aan het drama. Zij is de één jaar jongere zus van Fien. Dit verhaal stond in 2015 in het jaarboek van de Oudheidkundige Vereniging Didam. Frank Gies, auteur van het stuk, en Harmsen hebben haar vervolgens nog geïnterviewd. Daar zijn ook opnames van gemaakt, die worden gebruikt in het openluchtspel. Annie, gespeeld door Rita Koster (58) en Indi Balduk (17), vormt bovendien de rode draad in het verhaal. Dat doet ze in een levensgroot decor, ontworpen door Edwin van Onna, dat veel gelijkenissen heeft met de tijd van toen.

De schrijvers
Frank Gies en Hein Harmsen

“Het verhaal begint met de geboorte van Annie, op 19 maart 1932”, zegt Gies. “Het is vervolgens snel een jaar later, als Fientje wordt geboren. Er zit sowieso heel veel vaart in het spel. Het publiek hoeft zich geen seconde te vervelen. Daarnaast maakt het verhaal natuurlijk veel indruk.”

Naast de tekst zijn de negen muziekstukken door Harmsen en muzikant Marinus van Uum grotendeels zelf geschreven. Harmsen: “Het meest bijzonder vind ik de ouverture, de eerste zustersscène als de dreiging van de Duitsers in beeld komt, en het één-na-laatste liedjeScherven. Dat zingen de oude en jonge Annie samen.” Gies beaamt dat. “Maar ook van de laatste scène krijg ik nog steeds koude rillingen. Daarin wordt na de fatale knal Fientje gevonden. Ze is alleen nog herkenbaar aan haar borstrokje.”

Harmsen: “Jammer is wel dat Annie Morren-Seegers het openluchtspel niet meer bij kan wonen. Zij overleed in december vorig jaar helaas op 86-jarige leeftijd.” Gies: “Gelukkig hebben we de opnames van het interview nog wel, waarvan een aantal passages ook in het openluchtspel te zien zijn. Daarin komt de boodschap van Annie heel duidelijk over. Dat het leven ondanks zo’n dramatische gebeurtenis doorgaat, maar dat je er zelf wel iets van moet maken. En dat dit ‘nooit meer’ mag gebeuren, eveneens de titel van het openluchtspel. Die boodschap hopen we met het stuk op iedereen over te brengen.”

De hoofdrolspeelsters
Rita Koster en Indi Balduk

Rita Koster vertolkt in Nooit Meer de rol van de oude Annie en vertelt letterlijk haar verhaal. “Ik heb haar anderhalf jaar geleden bezocht in Liemerije. Dat was een heel bijzondere ontmoeting. Dat ik het verhaal van Annie mocht horen, maakte veel indruk.”

Indi Balduk speelt de jonge Annie, ten tijde van de oorlog. “Ik hoorde het verhaal anderhalf jaar geleden pas voor het eerst. Heftig. Mijn opa en oma hebben de oorlog wel meegemaakt, maar onze generatie weet er weinig van. Doordat ik nu zelf de rol van Annie speel, kan ik me beter inbeelden hoe angst en vreugde toen voelden. In één van de scènes wordt er door een Duitser zelfs een geweer tegen mijn hoofd gezet. Dat is heel indrukwekkend.”

Beiden waren verbaasd en verrast dat juist zij voor de rol van Annie werden gevraagd. “Ik heb wel even getwijfeld”, geeft Koster toe. “Ik ben een enorme zenuwpees, dat was ik al toen ik nog in het koor van Close Harmony zong. Maar het verhaal maakte me nieuwsgierig en ik voelde me toch ook vereerd.”

Balduk: “Ik heb alleen even getwijfeld of ik door wilde gaan nadat het openluchtspel vorig jaar werd afgelast. Ik zit in het vijfde jaar van mijn vwo-opleiding en de zeven voorstellingen vallen precies in de proefwerkweek. Maar door een goede planning en voorbereiding moet het lukken. Beiden zijn belangrijk voor me en wil ik tot een goed einde brengen.”

Koster: “De tekst zit er inmiddels goed in en ik ga me steeds meer Annie voelen. Een paar weken geleden heb ik zelfs stokles gehad, haha. Annie had artrose en ik heb nu van de fysiotherapeut geleerd hoe ik op de stok moet lopen om het allemaal zo echt mogelijk te laten lijken.”

De ontwerper
Edwin van Onna

Voor een realistisch beeld van toen is het decor een belangrijk onderdeel van het openluchtspel. Dit werd grotendeels ontworpen door Edwin van Onna. Samen met zo’n vijftig mensen bouwde hij een deel van de meisjesschool, de bakkerij van de familie Seegers en het klooster na.

“De voorkant van de bakkerij is exact hetzelfde als het pand dat destijds aan de Wehlseweg stond, ook qua grootte”, weet Van Onna. “Het staat op een draaischijf, zodat het publiek de ene keer een beeld krijgt van de voorkant en vervolgens van de binnenkant van het pand, met de winkel beneden en de slaapkamer boven. Eén keer wordt de bakkerij zelf in anderhalve minuut omgetoverd tot het toenmalige café Schaars.”

Ook in de school en het klooster zitten draaiende elementen, die het publiek een kijkje in de gebouwen geeft. Het hele decor is in sepia, een donkere bruin-grijze kleur, gespoten. “Zo heeft het publiek het gevoel dat ze in een oude foto zit. De toeschouwers zitten op de rand van het straatwerk, waarop wordt gespeeld. We hebben zo’n 400 vierkante meter van het park speciaal voor het openluchtspel bestraat. Ons klooster staat nu letterlijk op de fundering van het oude klooster.”

Coronamaatregelen
Op dit moment biedt het openluchtspel plek aan zo’n 2100 toeschouwers verdeeld over zeven voorstellingen. Aan het openluchtspel werken ruim 150 mensen mee, waarvan er ongeveer 80 op het podium staan. Het publiek zit twee aan twee op anderhalve meter afstand. Gies: “We houden ons aan alle coronamaatregelen. Veel spelers zijn inmiddels gevaccineerd, bij de anderen werken we met sneltests. Spelen op anderhalve meter kan namelijk niet.”

Zoals het er nu naar uitziet, kan het openluchtspel in juli doorgaan. Mochten de coronamaatregelen het toelaten, dan worden er wellicht nog extra kaarten verkocht. Houd voor beschikbare kaarten de website openluchtspel-loil.nl in de gaten.