[Hengelo]

Het fluitenkruid kreeg dit voorjaar al alle kans om zich van zijn mooiste kant te laten zien. Margrieten, klaprozen, slangenkruid en muizenoor geven nu kleurige accenten. Sinds dit jaar krijgen op veel meer plekken in de gemeente Bronckhorst de planten in de bermen langs de weg ruim baan. En dat is te zien.

Tekst: Gerard Menting Foto’s: Luuk Stam

Minder en anders maaien is een belangrijk element van het nieuwe beheer van bermen, oevers en andere stukken groen zoals de wadi’s, laagten die water opvangen. Dat gebeurt dit jaar voor het eerst en het verschil is groot. Werd er in 2021 voor zo’n 15 procent van de bermen een ecologisch beheer gehanteerd, dit jaar geldt dat voor 80 procent van het groen langs de wegen in Bronckhorst.

Er ligt een heel praktische reden aan ten grondslag dat de ommezwaai nu gemaakt kan worden, vertellen Lisette Boasson en Michel Ratering. Zij houdt zich bij de gemeente beleidsmatig bezig met landschap, groen en biodiversiteit, Ratering met de uitvoeringskant daarvan. “De contracten met de aannemers die we inschakelden voor het maaien van bermen liepen af. Bij de nieuwe aanbesteding konden we andere voorwaarden stellen voor de manier waarop het werk uitgevoerd moest worden”, leggen ze uit.

Verarmen

Dé kans om met de biodiversiteit een flinke stap in de goede richting te maken. Het betekende grotendeels een einde aan het klepelen. Dat is een manier van maaien waarbij de planten worden gemaaid en meteen worden gehakseld. Het maaisel blijft liggen en composteert ter plekke. Dat is niet gunstig voor de biodiversiteit, blijkt uit de uitleg. De bodem wordt daarmee verrijkt en daar profiteren grassen en ruigteplanten als brandnetels en fluitenkruid van. “Met minder maaien en het maaisel afvoeren verarm je de grond en daarmee stimuleer je de groei van kruiden en andere planten”, legt Boasson uit.

Dat zal niet overal even snel gaan, weet Ratering. “Als eerste is een inventarisatie gemaakt van alle bermen, welke grondtype en wat er nu groeit. Je weet dan welke maatregelen nodig zijn bij het beheer. Wanneer, op welke manier en hoe vaak gemaaid wordt, varieert per locatie. Waar de grond rijk is, maai je vaker en door het maaisel af te voeren, verarm je de grond en geef je andere planten een kans. Onder bomen en op reeds arme grond maai je daarentegen wat minder vaak.”

Bij het maaien wordt rekening gehouden met de momenten waarop planten bloeien en zaad vormen, vult Boasson aan. “Het maaisel blijft eerst enkele dagen liggen zodat het zaad de kans heeft eruit te vallen. Na drie tot vijf dagen wordt het verzameld en afgevoerd.”

Soortenrijkdom

Dat moet ertoe leiden dat de soortenrijkdom groter wordt, zowel bij de planten als bij de bijen, vlinders, andere insecten, vogels, zoogdieren en reptielen. De bermen gaan steeds meer voedsel en schuilgelegenheid bieden en kunnen zo verbindingsstroken vormen in het landschap

In het biodiversiteitsplan dat Bronckhorst in 2019 vaststelde, was het ecologisch beheren van de bermen een speerpunt. Samen met betrokken inwoners, onder meer uit natuurorganisaties, is de aanpak waar nu mee is begonnen uitgewerkt. Waartoe dat moet leiden, is concreet gemaakt door gidssoorten te benoemen. “In gebieden waar oude bomen staan, wil je graag de grote bonte specht weer zien. In bermen op de zandgronden kan dat het oranjetipje zijn, een vlindersoort die op pinksterbloemen vliegt”, geeft Boasson voorbeelden.

Bermen worden daarvoor niet ingezaaid. “Op veel plekken zit nog van alles in de ondergrond, als de omstandigheden verbeteren, komen die planten vanzelf naar boven, al kan dat een periode duren”, zegt Ratering.

Uitwijkstroken

Onderdeel van het andere beheer is dat de uitwijkstroken, de eerste meter berm aan weerszijden van de weg, vaker wordt gemaaid. Ook bij de kruispunten wordt het groen laag gehouden. Samen is dat is de 20 procent van de bermen waarvoor het ecologisch beheer niet geldt.

“De verkeersveiligheid mag niet in het geding zijn”, benadrukken ze. Ze snappen dat mensen door de hogere bermen het gevoel kunnen hebben dat het minder veilig is omdat ze bijvoorbeeld niet de hele bocht door kunnen kijken. Daar kan een automobilist zijn snelheid op aanpassen. “We hebben tot nu toe nog geen meldingen gehad van onveilige situaties”, zegt Ratering, die juist wel reacties heeft gehad van mensen die juist blij zijn met het nieuwe bermbeheer.

Een blik op de toekomst is te zien voor het gemeentehuis aan de Elderinkweg. Dat wordt al langer beheerd op de manier die nu ook voor een groot deel van de bermen gebeurt. Begin juni is het een zee van grashalmen met daar net bovenuit de bloemen van margrieten, met accentjes van het blauwe slangenkruid en het gele muizenoor. Het is bepaald geen monocultuur, dichter bij de bodem zijn allerlei soorten lagere kruiden en planten te vinden, wijst Boasson. “Als je even stilstaat en blijft kijken, hoor en zie je ook steeds meer insecten.”